donderdag 15 maart 2012

Samenvatting hoofdstuk 7.1, 7.2, 7.3.

7.1 Zouten
Zouten hebben een hoog smeltpunt. Alle zouten bestaan uit positieve en negatieve ionen.
Keukenzout is geen officiƫle benaming, maar een triviale naam. De officiƫle naam voor chemische stoffen zjin rationele namen.
Zoals de meeste stoffen hebben zouten ook formules. Alleen dan spreken we niet van een molekuulformule maar een verhoudingsformule.

7.2 Samengestelde ionen
Samengestelde ionen zijn groepjes bij covalent gebonden atomen. Dus ze hebben een of enkele elektronen te weinig. Daarom kennen we positieve of negatieve ionen.
In een verhoudingsformule laat je zien dat iets een samengestelde groep is d.m.v. haakjes.

7.3 Zouten en water
Zouten zijn wateroplosbaar. Als je zout in water doet kunnen er twee dingen gebeuren. Je blijft korreltjes zien, of de korreltjes verdwijnen. In het laatste geval is de vaste stof totaal opgelost. Omdat de ionen los van elkaar zijn komen te liggen, omringd door watermolekulen, zijn ze niet meer te zien. Dit noemen we hydratatie.
Als een stof is opgelost duidt je dat aan in de formule met (aq). Dit is geen chemische reactie maar wordt toch weergegeven in een oplosvergelijking, dan zet je boven de pijl oplossen of aq. H2O hoort dan niet bij de vergelijking.
Er is een groep zouten waarvan je moet weten dat ze in water niet alleen maar uiteenvallen in losse ionen. dit zijn de metaaloxiden.
  1. Natriumoxide
  2. Kaliumoxide
  3. Calciumoxide
  4. Bariumoxide
Vragen.
1. Noem een zout uit de groep metaaloxiden.
2. Kan je van zout een molekuulformule maken?

Frank Assen & Lukas Gerhardus

donderdag 8 maart 2012

Samenvatting Chemie 6.1 & 6.2

6.1 Ionbinding

Atomen kunnen zich op drie verschillende binden:
1. Ionbinding
2. Metaalbinding
3. Atoombinding: covalent en polaircovalent.
Een ionbinding is een binding tussen positieve en negatieve ionen.
Ionen zijn atomen die een of meer elektronen hebben opgenomen of afgestaan.
In metalen zijn atomen ongeladen. In combinatie met andere atomen kunnen er zouten ontstaan waarin sprake is van ionen. Metaalionen zijn altijd positief geladen.
Niet-metalen kunnen negatief geladen ionen vormen en hebben dus negatieve elektrovalentie.
Elektrovalentie is af te leiden uit het periodiek systeem. groep 1 hebben elektrovalentie +1, groep 2 +2 en groep 3 +3. Groep 17 hebben een elektrovalentie van -1, en groep 16 -2 enz.

6.2 Naamgeving van zouten

Zouten worden genoemd bij de stoffen waaruit de binding bestaat beginnend met het metaal, daarna het andere element met -ide erachter. Als een zout uit meer elementen bestaat word dat ook in de naam aangegeven met een romeins cijfer.

Vragen:
1. Wat is de elektrovalentie van groep 6?
2. Schrijf de volledige naam uit van Fe2O3.

Bron: Scheikunde voor het laboratoriumonderwijs Basisboek.